Nieuws

Opschorting handhaving Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (DBA) - 20-02-2018

De opschorting van de handhaving van de Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (DBA) is verlengd tot 1 januari 2020.

Tot die tijd krijgen opdrachtgevers en opdrachtnemers geen boetes of naheffingen als achteraf geconstateerd wordt dat er sprake is van een dienstbetrekking. Vanaf 1 juli 2018 worden wel de mogelijkheden voor handhaving van kwaadwillenden verruimd.

 

De nieuwe Wet DBA had de afgelopen periode meer duidelijkheid moeten scheppen over de vraag of er sprake is van een dienstbetrekking. Echter leverde de wet veel onrust op onder zzp’ers en opdrachtgevers. Het kabinet zet daarom in dat de nieuwe wet- en regelgeving per 1 januari 2020 in werking treedt.

Handhaving kwaadwillenden

De Belastingdienst handhaaft wel bij kwaadwillenden. De handhaving richt zich per 1 juli 2018 niet langer meer op alleen de ernstigste gevallen, maar ook op andere kwaadwillenden. Hiermee geeft het kabinet gehoor aan de toenemende onvrede over mogelijke schijnzelfstandigheid.

De Belastingdienst kan handhaven als zij de volgende drie criteria kan bewijzen:

Gezagsrelatie

Of iemand een werknemer is, wordt onder meer bepaald door de vraag of er sprake is van een gezagsrelatie. Het kabinet is opgeroepen door de Tweede Kamer om dit begrip onder de huidige wetgeving te verduidelijken.

Door middel van overleggen tussen het kabinet en de betrokkenen zal voor de zomer een hoofdlijnenbrief verschijnen waarin dit begrip toegelicht en verduidelijkt wordt.

Tijdens het proces van het ontwikkelen van de nieuwe wetgeving, en hiermee specifiek de webmodule, zullen nieuwe inzichten voortvloeien. Vanuit deze nieuwe inzichten kan ook duidelijkheid geboden worden over het bestaan van een gezagsrelatie.

 

Betrokkenen

Het kabinet wil dat de nieuwe wet- en regelgeving aansluit bij de praktijk. Om deze reden is er onlangs een kick-off bijeenkomst georganiseerd met partijen zoals zzp-organisaties, werkgevers- en werknemersorganisaties.

Wanneer de nieuwe maatregelen in hoofdlijnen worden uitgewerkt zal het kabinet deze partijen opnieuw uitnodigen.

 

Visie

Het kabinet is ervan overtuigd dat de maatregelen uit het regeerakkoord een gunstige bijdrage leveren aan het herstellen van de balans op de arbeidsmarkt.

Door de nieuwe voorstellen zullen schijnzelfstandigheid en oneigenlijke concurrentie aan de onderkant van de arbeidsmarkt worden tegengegaan. Tevens zal er meer duidelijkheid zijn voor opdrachtgevers en zzp’ers over de arbeidsrelatie. En aan de bovenkant van de arbeidsmarkt zal er meer zekerheid ontstaan voor degene die een hoog uurtarief kunnen vragen.

 

Onbedoeld zijn vaste werknemers, flexwerkers en zzp’ers concurrenten van elkaar geworden. Alleen om deze reden is handhaving nodig. Zowel opdrachtgever als opdrachtnemer moeten aangesproken kunnen worden op hun handelen. De ongeclauseerde zekerheid in de vorm van de vrijwaring voor de opdrachtgever zoals die onder de VAR bestond zal niet terugkeren.